Een tweede poging

Onze eerste boottrip ging niet helemaal zoals gepland, maar het was tijd om het nog eens te proberen. We hebben de bougies vervangen en extra benzine gehaald. En voor wie het zich afvroeg: we hadden nog benzine van de eerste trip, dat was het probleem niet. 😉

Tijdens de eerste trip is wel in de tank gekeken en hebben ze gezien dat er wat vuil in zat, dus als allereerst werd nu de tank leeggehaald, de benzine gezeefd en de tank omgespoeld voor de benzine teruggegoten werd. Tijd om weer het water op te gaan, mét extra peddels dit keer!

En wonder boven wonder ging alles goed dit keer. We zijn dicht bij de kust gebleven en kwamen langs vele vissersdorpjes.

Chakuda op de uitkijk voor visnetten.


Je kon aan bijna iedereen op de boot zien dat deze mannen eigenlijk vissers waren, ze waren helemaal in hun element.
Na een halfuurtje varen waren we weer terug en was het tijd om te gaan werken aan het tweede probleem: lekken repareren. Vandaag werd de boot zo ver mogelijk het strand op getild en morgen gaan we kijken wat we aan de lekken kunnen doen.

Laten we hopen dat driemaal scheepsrecht is.

Eerste boottocht

Om de boot te beschermen tegen schade door hoge golven moet het in diep water worden verankerd. We hebben een betonnen blok laten maken die als anker zou dienen, maar die op 150 meter van de kust krijgen bleek niet zonder tegenslag.

Het anker, wat een paar honder kilo moet hebben gewogen, word aan boord getild.

Rik en ik wilden graag mee omdat we nog helemaal niet met het bootje weg waren geweest. Met 9 man was het betonblok al aan boord getild voor we allemaal aan boord klommen. Het eerste stuk ging goed, het anker ging zonder al te veel problemen overboord op de aangewezen plek, er werd een lege jerrycan aan vast geknoopt als boei en toen was het al gedaan.

Gezien het ons eerste tochtje was wilden ze nog iets verder het meer op, dus voeren we richting Cape Maclear. Ver zijn we niet gekomen, want de motor stopte ermee op 650 meter van de kust, en die kregen we niet meer aan de praat.

Doelloos dobberden we rond terwijl er wat mensen naar de motor keken. Er kwam een visser in een kano langs die om hulp gevraagd werd, maar ook hij wist niet wat het probleem was.

Overzicht van de boot met de kano van de visser aan de zijkant.

Chakuda kreeg plots het idee om de peddel van de visser te gebruiken om terug naar het strand te peddelen. Het werkte, maar met een volle houten boot ging het tegend langzaam.

Chakuda aan het peddelen. In de achtergrond zie je de huisjes op het strand.

Ikiton vond het te langzaam gaan en pakte de kano van de visser die hij met slippers voortpeddelde naar het strand.

Op het strand hadden achtergebleven mensen ook door dat het niet helemaal goed ging. We zagen Charles naar de buren lopen waar hij een kano leende zodat hij ons extra peddels kon komen brengen.

Charles met een extra peddel.

Peter had op het moment dat Charles een extra peddel bracht ook het idee gekregen om met een plank te peddelen (waar hij ineens die plank vandaan haalde weten we nog steeds niet!). Die plank hield het niet lang vol… Gelukkig had ik net besloten het te filmen vlak voor de plank brak, achteraf tot groot vermaak van alle werknemers.

Kort daarna kwam Ikiton – degene die met slippers weggepeddeld was – terug met nog meer extra peddels en kon de visser weer verder met waar hij mee bezig was. Intussen was het al bijna zonsondergang, maar waren we ook alweer bijna terug aan wal. Niet lang daarna stonden we alweer met onze voeten op het droge en werden we ontvangen door de achtergebleven werknemers. Dat was me het tochtje wel!

Kippenvilla

Vandaag zijn we dan eindelijk klaar met het bouwen van een kippenhok. Riks opa had al voor vertrek geld meegegeven voor kippen, maar het leek ons niet handig al kippen te hebben voor we hier woonden. Nu wonen we hier wel zo ongeveer afgezien van die 1 a 2 avonden in de week dat we in de lodge slapen om te douchen en op een echte wc te kunnen zitten.

We begonnen in de tuin het hok daar uit te meten en gaten te graven voor de palen.

Daarna moesten de palen op maat worden ‘gezaagd’ – oftewel gehakt met een groot mes – waarna de bast eraf werd gehaald door er met een hamer op te slaan.

Die palen werden dan aan de onderkant ingesmeerd met timberguard, wat ze tegen termieten zou moeten beschermen, voor ze in de grond werden gezet. Daar werden dan nog dwarsbalken aan vast gemaakt en zo hadden we de fundering voor de vloer.

Hierop werd bamboe geknoopt om de vloer te maken. Hij steekt aan elke kant over, naar de expliciete instructie van Riks opa, om de kippen te beschermen tegen slangen.

Toen was het tijd voor de muren. Hoewel Michael en James nog niet precies begrepen waar sommige openingen voor waren, volgden ze onze instructies nauwkeurig op.

Zodra het dak en het leghok klaar waren (aha, dus daar was die opening aan de zijkant voor!) was het hok bijna klaar.

Als finishing touch werd er een net gespannen over de openingen onder het dak om genetkatten buiten te houden, en werd de ingebouwde plantenbak gevuld met grond en aardbeienplantjes!

Salete, een meisje uit het dorp, heeft me geholpen door wat kippen voor me te kopen (als ik dat zelf zou doen zou de prijs per kip plots verdriedubbeld zijn). We hebben de kippen bij haar thuis opgehaald waarna ze in de kofferbak werden gestopt. Gelukkig was de rit kort en konden we daarna meteen de touwtjes van hun pootjes halen. De volgende ochtend lagen er al meteen twee eitjes!

Nu moesten we toch echt opschieten met het bouwen van een ren, zodat ze ook lekker buiten konden scharrelen, dus daar zijn we gisteren aan begonnen. Terwijl we bezig waren met draadjes spannen over de ren, werden we door een havik in de gaten gehouden. Dat bevestigde maar weer dat die draadjes toch echt nodig waren als we niet willen dat onze kippetjes als vogelvoer zouden eindigen.

Vandaag, nét voor de lunch, was de ren af en konden we de kippen naar buiten laten. Niet lang nadat de deur openging waren ze allemaal buiten achter sprinkhanen aan het rennen. We stonden nog even voor de ren te kijken voor we terug naar het strand gingen voor de lunch: het is nu toch wel erg gezellig in de tuin.

Het stamhoofd

Ik schreef eerder al over het bootje dat we gekocht hebben, maar waarvan nog een deel betaald moest worden en vandaag zijn we dus naar Cape Maclear gegaan om dat af te ronden. De vorige eigenaar, Isaac, had een contract opgesteld wat in drievoud ondertekend moest worden: één voor ons, één voor hem, en één voor het stamhoofd van het dorp.

Volgens de traditie moeten bij een dergelijke transactie ook ooggetuigen zijn, dus hadden we Danny meegenomen. Vanaf Isaacs huis liepen we naar het huis van de secretaris van het stamhoofd (de beste man zelf had waarschijnlijk andere dingen te doen). Hier werden we in enorme stoelen gezet de de kleine woonkamer bijna helemaal vulden.

Nadat alles in drievoud ondertekend was, hebben we de rest betaald en was de deal rond: Lake of Stars is officieel van ons, met goedkeuring van het stamhoofd van Cape Maclear!

Chambo filet

Gisteravond hadden we net kip ontdooid voor het avondeten toen er iemand het strand op kwam met twee chambo waarvan eentje enorm was.

James wilde de chambo ook even vasthouden.

Ik had in de hele tijd hier nog niet zo een grote chambo gezien, dus ik wilde hem wel kopen als de prijs goed was. De man wilde 2500 kwacha hebben voor de grote en de kleine samen, maar eigenlijk hadden we geen interesse in de kleine dus werd te prijs 2000 kwacha. We vroegen aan Charles of dat een goede prijs was en meteen zakte de prijs naar 1500 kwacha (is €1,77). Verkocht!

Rik met onze ‘vangst’.

De volgende ochtend begon het echte werk. Omdat deze chambo zo groot was wilde we hem fileren, zodat we er twee keer van konden eten. Allereerst moesten de schubben verwijderd worden.

Toen heb ik het vlees eraf gesneden en de huid eraf gehaald. Halverwege vroeg Rik me hoe ik wist hoe ik vis moest fileren, maar om eerlijk te zijn weet ik dat helemaal niet. Ik doe maar wat en ik denk dat het nog aardig gelukt is ook. De andere kant ging al beter dan de eerste (de eerste zijn twee stukjes geworden, maar de andere kant is één groot stuk gebleven).

Vanavond zullen we weten of ik het goed gedaan heb!

Lake of Stars

Het meer van Malawi word ook wel Lake of Stars genoemd omdat ’s nachts de vissers het water op gaan met lampen aan boord. Als ’s nachts naar het meer kijkt twinkelt het helemaal van de grote hoeveelheid vissers. Lake of stars is ook de naam van de boot die we gisteravond gekocht hebben!

Lake of stars bij ons op het strand.

Roy wilde graag een lokale houten vissersboot kopen en Rik en ik hebben er eentje gevonden op Cape Maclear. Nu Roy hier was konden we eindelijk gaan kijken, maar moest er nog onderhoud gedaan worden. Gistermiddag was dat dan gebeurd en hebben we gevraagd of hij naar ons strand kon komen. Pas na zonsondergang kwam hij na 2 uur en 10 minuten varen bij ons aan. Gelukkig hadden we de boot al eens overdag gezien, want nu moesten we alles met een zaklamp doen. Na de onderhandelingen over de prijs is er een handgeschreven contractje opgesteld waarin staat dat we een aanbetaling hebben gedaan en aankomende maandag het grootste gedeelte betalen bij de overdracht van papieren.

Onderhandelingen in het donker.

Er moet nog wat aan geklust worden, maar ik vind hem nu al ontzettend leuk. Hij is gebruikt als rondvaartboot voor toeristen, dus er zit al een vloer in een een frame voor een afdak op.
Ik weet al wel wat wij komende vrije zondag gaan doen.

Geitenhoeden

Hoewel we een hek om het terrein hebben staan is het niet hermetisch afgesloten. Op de laatste paar meter van het strand naar het meer staat geen hek, en bij de ingang is natuurlijk de poort. Laten dat nu net de plekken zijn waar ook ongewenste bezoekers regelmatig binnenkomen: de lokale kudde geiten.

Op zich zou het helemaal niet erg zijn als er wat geiten hier staan te grazen, als ze niet de jonge (palm)bomen of de moestuin zouden slopen. Omdat hier dagelijks best wel wat mensen zijn, worden ze vaak snel genoeg gespot en weggejaagd. Degene die ze het eerst ziet roept: Mbuzi! (Geiten!), en dan komen er al snel mensen in actie.

De geiten van de buren op bezoek.

Maar op zondag moeten we zelf aan de slag. Dan gaan Rik of ik met een stok achter ze aan om ze van het land af te drijven. En dan hebben we ook nog onze eigen 3 geitjes die elke dag van en naar het hok worden verplaats.
Hier zijn we parttime geitenhoeders.

Afrikaans gerepareerd

Soms gaan dingen stuk, maar is het niet zo makkelijk om ze te repareren of vervangen. Niet zo makkelijk betekent alleen niet onmogelijk, en dus word onze creativiteit flink getest. Het meeste gedoe hebben we tot nu toe gehad met onze slippers. Rik had mooie nieuwe slippers gekocht voor we vertrokken. Na anderhalve maand waren ze al kapot. Ik heb toen de zool uit elkaar gehaald en de band teruggelijmd, maar niet lang later kwam de band aan de andere kant terug. ‘Gelukkig’ was Joeri zijn slippers vergeten toen hij terug ging naar België, dus kon Rik die slippers aan.

In de tussentijd scheurde de foam van mijn slipper waardoor de band telkens tussen mijn tenen uit schoot. Ik heb het geprobeerd vast te lijmen, maar dat hielp niet veel. Op dat moment waren ze op het land veel bezig met strings (reepjes autoband die gebruikt worden als touw) en kwam ik op het gegeven moment op het idee om mijn probleem te verhelpen met die touwtjes. Dat werkte! En toen bij mijn andere slipper hetzelfde gebeurde was dat snel gerepareerd op dezelfde manier.

Kort erna ging Rik’s slipper (of eigenlijk Joeri’s) weer kapot. Dit keer was de plastic band afgebroken, maar ook hij kon dit op eenzelfde manier repareren met strings. Daarna ging ook de andere slipper op dezelfde manier kapot. Simpel, we werden hier al handig in!

Onze problemen tijdelijk opgelost met strings.

Maar toen brak de band op een andere plek en daar was geen touw aan vast te knopen (letterlijk!!) en dus moest er een andere manier bedacht worden. Rik heeft eerst geprobeerd de band vast te nieten, dit hielp misschien een halve dag, maar het enige wat nu nog steeds houdt was de spijker die hij erdoorheen geslagen heeft.

Ik liet onze reparatie aan Michael zien en die knikte goedkeurend: ‘That’s repaired the African way.’

Shoprite

Ons land is al druk bewoond. Rik en ik zitten er niet alleen, er zijn ook 4 jonge katten, 3 geiten, een hond (+ soms een hond van de werknemers) en er staan nog een aantal kippen op de planning. Deze keer meer over onze hond: Shoprite.

Voor het hier bewoonbaar was ging Joeri na bijna elke werkdag naar Monkey Bay Beach lodge. Bij de lodge liepen drie honden rond Cindy, Shoprite en Dawg. Cindy en Shoprite waren geadopteerd uit het asiel en Dawg is eigenlijk een hond uit de buurt die gewoon graag bij de lodge rondhangt. Hoewel Shoprite uit een asiel komt kon hij het niet goed vinden met zijn baasje, en andersom. Joeri vond Shoprite wel erg leuk en zo was het idee geboren dat wij Shoprite zouden adopteren. Shoprite kreeg overigens zijn naam omdat hij bij de Shoprite is gevonden voor hij naar het asiel werd gebracht. Shoprite is een supermarkt, net zoals Albert Heijn.

Nu, ongeveer 3 maanden later loopt Shoprite rond op ons land. Hem hier krijgen was verschrikkelijk, hij wilde écht niet de auto in, en als hij er eenmaal in zat werd hij ontzettend misselijk.. Maar nu is hij hier en blijft hij hier, als het aan ons ligt hoeft hij nooit meer in de auto. En in principe hoeft het ook niet, want we kennen nu een dierenarts die hier langs kan komen als het nodig is.

Shoprite is niet de meeste fotogenieke hond…

Hij volgt ons overal (tot we naar de auto lopen dan) en is echt een held op sokken. Hij wordt jaloers als we een andere hond of een van de katten aaien en is bang voor alles en iedereen. Soms probeert hij wel eens kinderen weg te jagen door er op af te rennen, maar als ze niet wegrennen stopt hij een paar meter van ze af waarna hij afdruipt.

De werknemers staan er van versteld dat hij met de katten speelt en ze soms bij hem komen liggen, want volgens hen zouden ze moeten vechten als Tom en Jerry.

Vooral Coco ligt graag bij Shoprite
Het begon al toen de katten nog heeel klein waren!

Aardbeien

Gisteren zijn we in Lilongwe naar Four Seasons plant nursery geweest. Ze hebben echt ontzettend veel plantjes en bomen, maar omdat we pas de volgende dag terug zouden gaan konden we die niet meenemen. Toen heb ik maar bij de zaden gekeken bij het winkeltje binnen, alleen hadden we de meeste groenten al. Het was wel het eerste winkeltje waar we bloemenzaden vonden, dus ik heb Oost Indische kers gehaald (een leuke klimplant waarvan je de bladeren en bloemen kan eten) twee soorten Protea (dat word geduld hebben, want het duurt 4 of 5 jaar voor die voor het eerst bloeit) en oregano (we gaan namelijk in een enorme vaart door onze Italiaanse kruidenmix heen). Ik had gehoopt op zaadjes voor fruit zoals aardbei of framboos, maar die hadden ze helaas niet. Jammer, want ik zoek al een tijdje naar aardbeien plantjes, die moesten toch ergens te krijgen zijn?

Onze volgende stop was de bouwmarkt en toen we naar buiten kwamen stond iemand daar aardbeien te verkopen. We hebben niet eens onderhandeld over de prijs en meteen een bakje gekocht.

Toen we de volgende dag samen met Roy boodschappen deden werden we op de parkeerplaats door verschillende mensen aangesproken, of we geld wilden wisselen, schilderijen of groenten en fruit wilden kopen. In een poging de laatste verkoper af te wimpelen zei ik dat we de meeste groenten al zelf groeien en ik dus geen interesse had tenzij hij aardbeienplantjes verkocht. Nou, dat was precies wat ik had moeten zeggen, want er kwam een lijstje uit zijn zak met alle groenten en fruit die hij verkocht. Als wij aangaven welke we wilden hebben zou het zeggen of hij er planten van had of niet. Uiteindelijk wilden we dan wel aardbeienplantjes en perzikbomen. Terwijl wij boodschappen deden zou hij de planten gaan halen en dan op ons wachten bij de auto.

Toen we terugkwamen bij de auto stond hij daar inderdaad met een doos vol met aardbeienplantjes en 4 jonge perzikbomen.

Dus zo kan winkelen hier in Malawi gaan. Eerst vind je heel lang niet wat je zoekt en als je dan stopt met zoeken blijkt er op een parkeerplaats iemand te lopen die je wél verder kan helpen!